Een laminaatvloer dweilen met een goed uitgewrongen mop

Landschapsillustratie

Laminaat is populair omdat het er verzorgd uitziet en makkelijk schoon te maken lijkt, maar het materiaal is gevoeliger voor water dan veel mensen denken. Blijft er vocht op de naden staan, dan kan de vloer op den duur gaan opzwellen of kromtrekken, iets wat niet meer te herstellen is zonder de planken te vervangen. Vooral bij de badkamerdeur of in de keuken, waar vaker met water wordt gewerkt, is dit risico het grootst.

De sleutel is een goed uitgewrongen mop, die vochtig aanvoelt maar niet nat is. Ga in de richting van de planken te werk, en veeg overtollig water meteen weg met een droge doek. Zo krijgt vocht geen kans om via de naden in het materiaal onder de bovenlaag te trekken. Werk bij voorkeur in kleine stukken, zodat je nooit een groot deel van de vloer lang nat laat liggen.

Dagelijks onderhoud voorkomt schade

Tussen de sopjes door is stofzuigen of droog vegen meestal voldoende om zand en stof te verwijderen. Juist deze kleine deeltjes werken als schuurpapier onder schoenen en sloffen, en zorgen voor kleine krasjes die zich langzaam opstapelen als je er niets aan doet. Een deurmat bij elke buitendeur vangt het grootste deel van dit zand al op voordat het de kamer bereikt.

Vlekken kun je het beste meteen aanpakken, voordat ze intrekken in de bovenlaag. Een vochtige doek is meestal genoeg, zonder dat je hoeft te schrobben. Test een nieuwe schoonmaakmethode eerst op een onopvallend plekje, zodat je weet hoe de vloer erop reageert voordat je verdergaat. Zo voorkom je verrassingen op een zichtbaar deel van de kamer.

Met deze aanpak blijft een laminaatvloer er jarenlang strak en fris uitzien. Viltjes onder meubelpoten en een deurmat bij de ingang verminderen de slijtage verder, zodat een grote onderhoudsbeurt minder vaak nodig is. Deze kleine gewoontes samen maken uiteindelijk het grootste verschil voor hoe de vloer er over een paar jaar bij staat.